Spelregels

De International Badminton Federation (IBF) is al een aantal jaren op zoek naar een ander - beter- scoresysteem. Het 5 x 7-systeem beviel niet en werd afgeschaft. De kogel is nu door de kerk. Vanaf 1 februari 2006 komt er een nieuw scoresysteem. Er wordt in het vervolg gespeeld tot 21 punten, met een verschil van tenminste twee punten. Het gaat, zoals nu, om twee gewonnen games per partij. Er komt ook een rallypointsysteem: niet alleen de serveerder maar ook de ontvanger kan scoren.

In de media is het woord - experiment- verschenen maar dat klopt niet. De IBF Council heeft het systeem - een initiatief van de grote man van de IBF, Punch Gunawan - met overgrote meerderheid omarmd. Het wordt tijdens de Algemene Vergadering van de IBF in mei 2006 in Tokio geformaliseerd. Het opvallend is dat dit systeem erg lijkt op het enkele jaren geleden afgeschafte systeem uit de tafeltenniswereld: games tot 21. Daar worden nu best of five of best of seven partijen gespeeld tot 11.

De details op een rij

  • Best of three games tot 21, met hoogstwaarschijnlijk een verschil van 2 punten per game
  • Dde service gaat over wanneer de serveerder niet scoort
  • Hhet systeem geldt voor enkel- en dubbelspel
  • Er is geen verschil meer tussen dames en heren
  • Iin het dubbelspel gaat de service na één misser over naar de tegenstander.

 Badminton kent de volgende 5 onderdelen:

  • Heren Enkelspel (HE)
  • Dames Enkelspel (DE)
  • Heren Dubbelspel (HD)
  • Dames Dubbelspel (DD)
  • Gemengd Dubbelspel (GD), ook wel "mix" genoemd

Service

De service is heel belangrijk in badminton. Je service is goed als:

  • Deze onderhands geslagen wordt
  • Deze diagonaal in het juiste speelvak wordt gespeeld
  • De serveerder niet op of tegen de lijnen staat
  • De serveerder met beide voeten op de grond staat

Bij de stand 0-0 en alle even punten, wordt geserveerd vanuit het rechter serveervak: na iedere score vindt de service plaats vanuit het naastliggende serveervak.

Toss

Voordat u aan een wedstrijd begint is het verstandig om een warming-up te houden. Daarna kunt u inspelen met uw tegenpartij. Zodra beide partijen aangeven klaar te zijn voor de wedstrijd, vind er een toss plaats. Dit houd in dat de teller (scheidsrechter) de shuttle van het net laat vallen. De shuttle wijst dan met de neus naar een partij. Deze partij mag dan de volgende keuze maken:

  • Beginnen met het nemen van de eerste service: de eerste service van het spel zal dan door uw partij genomen worden.
  • Veldkant kiezen: u beslist dan aan welke kant van het veld u wilt beginnen met spelen.

Wanneer u uw keuze heeft gemaakt mag de tegenpartij de overgebleven keuze nemen. Als u er dus voor kiest om te beginnen mag de tegenpartij de veldkant kiezen. Wanneer u het veld kiest mag de tegenpartij beginnen met het nemen van de eerste service. Hierna kan het spel dus echt beginnen.

Warming-up

Zoals we al eerder vermeld hebben is het verstandig om te beginnen met een warming-up. Hierdoor worden uw spieren warm en verkleind u de kans op blessure. Bij badminton bestaan de meeste warming-ups uit de volgende onderdelen:

  • Loopoefeningen, waaronder wandelen, sprinten, springen en meer
  • Rek- en strekoefeningen
  • Oefeningen om uw armen, polsen, benen en enkels soepel te draaien
  • Inslaan met een partner

Over het algemeen duurt een warming-up 10 tot 25 minuten.

Cooling-down

Na een wedstrijd is het verstandig om een zogenaamde "cooling-down" uit te voeren. Ook hierdoor kunt u de kans op blessure verkleinen. Net als bij de warming-up, wordt de cooling-down uitgeoefend door middel van een aantal oefeningen. Een cooling-down bestaat uit:

  • Loopoefeningen, waaronder uitlopen, uitspelen en meer
  • Rek- en strekoefeningen
  • Iets drinken om het verloren vocht weer op te kunnen nemen
  • Douchen

Puntentelling

Zoals bij de meeste spelen, wint de speler die als eerst de benodigde aantal punten haalt. De score gaat volgens het zogenaamde rallypoint-systeem. Dit houdt in dat zoveel de serverende partij als de ontvangende partij punten kan scoren. In het verleden was het zo dat slechts alleen de serverende partij een punt kon scoren. Deze regel is sinds februari 2006 veranderd. Wanneer een serverende partij de shuttle als het ware verliest, betekent dit een punt voor de ontvangende partij. Deze partij krijgt dan ook de service. Dit geldt voor zowel een dubbel als een enkel partij.

Alle wedstrijden worden tot en met 21 punten gespeeld. Hierbij moet een verschil van twee punten worden gemaakt. Wanneer de stand dus 20-20 is, wordt er door gespeeld tot dat een van beide teams een verschil van 2 punten heeft weten te behalen. (bijv. 22-20). Het kan voorkomen dat de stand 29-29 word. In dit geval zal het 30ste punt de beslissende zijn. Het team dat de laatste rally weet te behalen, is de winnaar van de gespeelde game. Een team kan tijdens een rally dus nooit meer dan 30 punten behalen.

Wanneer een partij het aantal benodigde punten heeft behaald, heeft deze partij de eerste game gewonnen. Hierna wordt er een tweede game gespeeld. De partijen wisselen dan van speelhelft. De partij die de eerste game heeft gewonnen mag in de tweede game beginnen met het nemen van de eerste service. Aan het eind van de tweede game zijn er twee mogelijkheden:

  1. De partij die de eerste game won, heeft de tweede ook gewonnen en is dus de winnaar van de wedstrijd
  2. De partij die de eerste game verloor, heeft de tweede game gewonnen en de stand is dus 1- 1 in games

In dit laatste geval moet dus een derde game gespeeld worden. De winnaar van deze derde game is tevens de winnaar van de wedstrijd. Aan het begin van de derde game wordt eveneens gewisseld van speelveld. Wanneer een van beide teams 11 punten heeft behaald in de derde game wordt er opnieuw gewisseld van speelveld.

Fouten

Tijdens een wedstrijd kunnen heel wat fouten gemaakt worden. Hieronder staan enkele van deze fouten opgenoemd. Een fout wordt gemaakt wanneer:

  • De shuttle het speelveld uit wordt geslagen (we zeggen dan: de shuttle is uit)
  • De shuttle in het net geslagen wordt of er onder door
  • De shuttle tegen het plafond gespeeld wordt
  • De shuttle wordt twee maal wordt geraakt in één slag; (we zeggen dan: dubbel)
  • Een deel van de shuttle zich boven de middel van de serveerder/serveerster bevindt
  • Beide de serveerder niet met beide voeten in zijn/haar serveervak staat
  • Het blad van je racket niet duidelijk onder de hand van de serveerder/serveerster is
  • Een speler de shuttle raakt met zijn/haar lichaam
  • Een speler het net aanraakt (met het lichaam en/of het racket)
  • Een speler zijn tegenstander probeert te misleiden en/of te hinderen

Let

Wanneer er onduidelijkheid is in het spel als gevolg van iets dat van te voren niet te overzien was, is het mogelijk om een let te houden. Bijvoorbeeld wanneer er een shuttle van de wedstrijd die op de baan naast die van u plaats vind, bij u in het speelveld beland. Een let houd in dat de partij die het laatst geserveerd heeft, deze service opnieuw neemt.

Badmintonnet

Het speelveld van de twee partijen wordt gesplitst door een badmintonnet. Dit net hangt op een hoogte van 1 meter 55. Het net wordt ondersteund door palen. Op elke zijlijn staat een paal. Het net hangt hier dan iets hoger. Het net heeft een gaasstructuur. Dit houd in dat er kleine gaten in zitten. De shuttle kan niet door de gaten waardoor het dus nauwkeuriger is om te zien of dat de shuttle over het net is geslagen of er onderdoor. De shuttle kan dus niet door het net geslagen worden. De neus van de shuttle is wel groot genoeg om door het net te gaan. Hierdoor blijft soms de shuttle in het net hangen. Over het algemeen komt dit niet vaak voor. Wanneer dit gebeurd maken we geen gebruik van een let. Dat betekend dus dat er niet op nieuw geserveerd wordt maar dat de partij die de shuttle in het net sloeg een fout heeft gemaakt. De service gaat dan dus over naar de volgende speler. Tenzij de tegenpartij serveerde. Deze partij heeft dan dus een punt gescoord.

Telling

Een partij wordt gespeeld om 2 gewonnen games, tenzij anders is bepaald De partij die het eerst 21 punten scoort wint de game. De partij die de rally wint scoort een punt. Indien de stand 20-beiden wordt, moet de game worden gewonnen met 2 punten verschil Indien de stand 29-beiden wordt, wordt de game gewonnen door de partij die het 30 ste punt scoort. De partij die een game wint begint met serveren in de volgende game.

Wisselen van speelhelft

Spelers moeten van speelhelft wisselen:

  • Na afloop van de eerste game
  • Voor het begin van de derde game (indien deze wordt gespeeld)
  • In de derde game, of in een partij die uit één game bestaat, zodra één der partijen 11 punten heeft gescoord.

Indien spelers niet op de in aangegeven wijze van speelhelft wisselen, moet dit alsnog gebeuren zodra de vergissing is opgemerkt en de shuttle niet in spel is. De dan bereikte stand blijft gehandhaafd.

Enkelspel

De service moet vanuit het rechter serveervak worden geslagen, respec­tie­velijk in het rechter serveervak worden ontvangen, als de serveerder geen of een even aantal punten heeft gescoord in de game. De service moet vanuit het linker serveervak worden geslagen, respectie­velijk in het linker serveervak worden ontvangen, als de serveerder een oneven aantal punten heeft gescoord in de game. De shuttle wordt beurtelings door de serveerder en de ontvanger geslagen totdat een fout word gemaakt of totdat de shuttle niet langer in spel is.

Als de ontvanger een fout maakt, of als de shuttle niet langer in spel is omdat deze binnen de speelhelft van de ontvanger de vloer raakt, scoort de serveerder een punt. De serveerder serveert dan opnieuw, echter van­uit het andere serveervak. Als de serveerder een fout maakt, of als de shuttle niet langer in spel is omdat deze binnen de speelhelft van de serveerder de vloer raakt, scoort de ontvanger een punt. De serveerder verliest het recht van serveren en de ontvanger wordt dan de nieuwe serveerder.

Dubbelspel

De speler van de serverende partij serveert vanuit het rechter ser­veervak, als zijn partij geen of een even aantal punten heeft gescoord in de game. De speler van de serverende partij serveert vanuit het linker ser­veervak, als zijn partij een oneven aantal punten heeft gescoord in de game. Op de partners is het omgekeerde van toepassing. De speler van de ontvangende partij die in het diagonaal tegenover de serveerder liggende serveervak staat is de ontvanger. Alleen de ontvanger mag de service terugslaan; mocht de shuttle worden geraakt of geslagen door diens partner dan is dit een fout en scoort de serverende partij een punt. Bij elke servicebeurt moet de service beurtelings vanuit het andere serveervak worden geslagen De spelers van de ontvangende partij wisselen niet van serveervak totdat zij een punt scoren tijdens de eigen servicebeurt. 

Nadat de service is teruggeslagen, wordt de shuttle beurtelings door één van de spelers van de serverende partij en één van de spelers van de ontvan­gende partij geslagen totdat de shuttle niet langer in spel is Nadat de service is teruggeslagen, mag een speler de shuttle terugslaan vanaf elke willekeurige positie aan zijn zijde van het net.

Telling

Als de ontvangende partij een fout maakt, of als de shuttle niet langer in spel is omdat deze binnen de speelhelft van de ontvangende partij de vloer raakt, scoort de serverende partij een punt, en serveert de serveer­der opnieuw vanuit het andere serveervak. Als de serverende partij een fout maakt, of als de shuttle niet langer in spel is, omdat deze binnen de speelhelft van de serveren­de partij de vloer raakt , scoort de ontvangende partij een punt. De serverende partij verliest het recht van serveren en de ontvangende partij wordt de nieuwe serverende partij.

Serveren

In elke game vervalt het recht van serveren achtereenvolgens op onderstaande wijze:

  • Van de serveerder die de game vanuit het rechter serveervak is begonnen, aan de partner van de eerste ontvanger, waarbij de service vanuit het linker serveervak moet worden geslagen
  • Dan aan de speler van de oorspronkelijk serverende partij die staat in het serveervak van waaruit de service in overeenstemming met het behaalde aantal punten moet worden geslagen
  • Dan aan de speler van de oorspronkelijk ontvangende partij die staat in het serveervak van waaruit de service in overeenstemming met het behaalde aantal punten moet worden geslagen enzovoorts.

Een speler mag niet voor zijn beurt serveren of ontvangen of in dezelfde game twee opeenvolgende services ontvangen. De partij die een game wint bepaalt wie van de beide spelers van die partij in de volgende game eerst serveert, en de verlie­zende partij bepaalt wie van de beide spelers van die partij in de volgende game eerst ontvangt.

Opstellingsvergissingen

Een speler maakt een opstellingsvergissing als hij/zij:

  • Voor zijn/haar beurt serveert of ontvangt
  • Staande in het verkeerde serveervak, heeft geserveerd of de service heeft ontvangen.

Wanneer een opstellingsvergissing wordt gemaakt moet gewoon worden verder gespeeld waarbij de vergissing niet wordt gecorrigeerd en de nieuw ontstane situatie wordt gehandhaafd.

Pauze

Een pauze van maximaal 60 seconden is toegestaan tijdens een game zodra één der partijen 11 heeft gescoord. Een pauze van maximaal 120 seconden is toegestaan tussen twee games. Wanneer omstandigheden buiten de macht van de spelers dit noodza­kelijk maken mag het spel zolang onderbreken als men noodzakelijk acht

Onderbreking van het spel

Als het spel wordt onderbroken, blijft de stand van dat moment gehand­haafd en moet het spel bij die stand worden hervat.

Vertragen van het spel

Onder geen voorwaarde mag het spel worden opgehouden teneinde een speler in staat te stellen zijn krachten te herstellen of op adem te komen.

Coaching

Een speler mag tijdens een partij alleen aanwijzingen ontvangen als de shuttle niet in spel is Behalve tijdens de in spelregel genoemde pauzes mag een speler tijdens een partij de baan niet ver­laten zonder toe­stemming Het is een speler verboden: opzettelijk een vertraging of onderbreking in het spel te veroor­zaken; opzettelijk de shuttle te veranderen of te beschadigen teneinde de snelheid of de vlucht van de shuttle te beïnvloeden; zich aanstootgevend te gedragen; zich te misdragen op een wijze die niet anderszins in de Spel­regels van Badminton is omschreven.